Je kijkt naar je zoon of dochter, begin twintig, in de bloei van hun leven. Ze zouden optimaal moeten functioneren, vol energie en plannen. Maar de werkelijkheid is anders: onzekerheid, twijfel en een constante angst om te falen. Waar is dat vrolijke, onbevangen kind gebleven? We bespreken met een expert over wat er in het hoofd van jongeren (18-25 jaar) omgaat en hoe ouders hen kunnen ondersteunen.
Onmenselijke verwachtingen voor jongeren
“Als ouder voel je je vaak machteloos,” begint de expert. “Je ziet dat je kind ongelukkig is, maar alles wat je zegt lijkt averechts te werken. Je zegt: ‘Je kunt het, je bent geweldig’, maar het komt niet binnen. Dit ligt aan de vergelijking met de perfecte buitenkant van anderen op social media.”
Jongeren leven volgens de expert in een genadeloze vergelijkingscultuur. “Ze leggen de lat voor zichzelf onhaalbaar hoog. Als ze daar niet aan voldoen, slaat de twijfel toe. ‘Ik ben niet goed genoeg’, ‘iedereen snapt het behalve ik’. Die gedachten zijn verlammend en houden hen tegen om keuzes te maken.”
Effectieve ondersteuning van ouders
Veel ouders geven goedbedoeld advies en bemoedigende woorden. “Maar zolang de overtuiging ‘ik kan het niet’ bestaat, helpt praten niet,” zegt de expert. “Ze hebben geen behoefte aan een nieuwe richtlijn, maar aan iemand die helpt om belemmerende gedachten om te draaien.”
Bij de coaching wordt er praktisch gewerkt. Geen lange sessies, maar een directe focus op de oorsprong van de onzekerheid en de patronen die dit in stand houden. Het doel is om belemmeringen te verwijderen.
Doorbraak voor je kind
Vaak zijn resultaten sneller zichtbaar dan ouders zouden verwachten. “Na twee of drie sessies zie je vaak al een verandering in hun ogen. Ze stoppen met pleasen, durven weer naar hun eigen kompas te luisteren en hervinden hun kracht,” aldus de expert.
De boodschap aan bezorgde ouders is duidelijk: “Blijf niet toekijken hoe ze vastlopen. Soms hebben ze dat duwtje van buitenaf nodig om de regie terug te pakken.”

