Vergeten verhaal van een wielergod in Breda
Het intrigerende verhaal van een legendarische wielrenner die per toeval in Breda belandt, staat centraal bij de geboorte van de enige Nederlandse wielerklassieker. Dit maakt de zestigste editie van de Amstel Gold Race op zondag bijzonder.
De geboorte van de Amstel Gold Race
Op een warme lentedag, Koninginnedag, arriveert Jacques Anquetil, vijfvoudig winnaar van de Tour de France, in Breda. Hij symboliseert de start van een nieuwe klassieker. Twee wielerenthousiastelingen, Herman Krott en Ton Vissers, vragen een Amsterdamse brouwerij om een koers te sponsoren. Tot hun verrassing is de brouwerij enthousiast, mits de naam Amstel Gold Race wordt gebruikt om het nieuwe biermerk te promoten.
Het oorspronkelijke plan om van brouwerij naar brouwerij te fietsen, resulteert in de keuze voor Breda wegens praktische redenen. De vergunningen zijn uitdagend om te verkrijgen, waardoor een annulering dichtbij lijkt. Gelukkig biedt Kees Pellenaars, een belangrijke figuur in het wielrennen, een oplossing door de locatie aan het fraaie Mastbos te kiezen.
Cycling’s crème de la crème in 1966
Op 30 april 1966 verzamelen de top wielrenners zich in Breda. De finish is verplaatst van Heerlen naar Meerssen, doordat ondernemers meebetalen aan de organisatie. De race, gekenmerkt door indrukwekkende beelden van wereldkampioen Jean Stablinski, blijkt zwaar met pittige heuvels. Hoewel Jan Hugens, een lokale favoriet, pech heeft, steelt Stablinski de show door de overwinning te behalen.
Uiteindelijk verlaat Anquetil, na 250 kilometer, de koers voor de finish, terwijl het publiek hem verbaasd gadeslaat. Desondanks blijft hij voor altijd verbonden aan de Amstel Gold Race in Breda.

